Straatnaamborden zijn de stille chroniqueurs van een stad. Ze staan er dag en nacht, in weer en wind, en vertellen verhalen die de meeste voorbijgangers niet eens meer horen. Wie door Brussel wandelt en de hoek van de Samberstraat omgaat, staat oog in oog met zo'n vergeten verhaal. Het is een naam die niet opzichtig is, geen attractie of monument, maar precies daarom onthult hij iets wezenlijks over hoe steden groeien, ademen en soms vergeten.
De Samberstraat ligt in de Marollen, een wijk die op zijn beurt al een hele studie waard is. Het is er smal, soms schemerig, met gevels die hun beste tijd hebben gehad en daarna nog een paar decennia. Antiquairs stallen hun waar uit op stoepen waar vroeger andere kooplui hun waren uitstalden. De lucht ruikt naar oud hout, verse frieten en die ondefinieerbare geur van een buurt die nooit echt gerenoveerd werd, maar gewoon bleef bestaan. De Samberstraat is geen decor voor een film, het is de film zelf.
De naam verwijst naar de Samber, de rivier die in Wallonië ontspringt en bij de Franse stad Jeumont samenvloeit met de Maas. Voor Brussel is die rivier een ver van je bed show, maar de naam bleef hangen. Dat is het rare van stedelijke toponymie: hij volgt geen logica van geografische correctheid, maar van herinnering en associatie. Iemand vond het ooit belangrijk genoeg om die naam hier, kilometers van de rivier vandaan, in de stenen te hakken. Waarschijnlijk iemand die uit de streek rond de Samber kwam, of iemand die de naam mooi vond.
Wat de Samberstraat echter interessant maakt, is dat hij in het Nederlands staat. In een stad waar elke straatnaam een politieke verklaring is, waar het Vossenplein officieel Place du Jeu de Balle heet en omgekeerd, waar een bord in twee talen evenveel betekent als een bord in geen enkele, is een Nederlandse naam in het hartje van de Marollen geen toeval. De Marollen waren ooit het bastion van het Brusselse Nederlands, de volkstaal van arbeiders en ambachtslieden, lang voordat de taalwetten het officieel maakten. De Samberstraat is een relikwie uit die tijd, een stille getuige van een moment dat de stad nog niet verdeeld was in taalvakken en culturele reservaten.
Vandaag spreekt men er nog steeds Nederlands, maar gemengd met een vleugje Frans, een snuifje Arabisch en het onvermijdelijke Brusselse dialect dat alles door elkaar gooit. De antiquair op nummer 23 praat tegen zijn klant in het Frans, maar telefoneert in het Nederlands met zijn leverancier. De bakker vraagt in het Arabisch hoe het met de kinderen is, maar rekent in het Nederlands af. De Samberstraat is niet tweetalig, ze is alles tegelijk.
Dat maakt zo'n straat tot een tegengif voor de verzakelijking van de openbare ruimte. Terwijl elders in de stad straten worden hernoemd naar sponsors en bedrijven, blijft de Samberstraat gewoon de Samberstraat. Geen marketingteam heeft die naam bedacht, geen consultant heeft zijn goedkeuring gegeven. De naam is er gewoon, en de straat is er gewoon, en de mensen die er wonen en werken zijn er gewoon. In een tijd waar steden steeds meer worden ingericht als consumptieproducten, is dat een kleine revolutie.
Wie er doorheen loopt, ziet geen grote verhalen, maar kleine. De deur die scheef in het kozijn hangt. De kat die op de vensterbank van een antiquariaat ligt te dutten tussen twee Delftsblauwe borden. De man die zijn auto wast terwijl hij met de buurman staat te praten over het weer, over voetbal, over de prijzen die de laatste tijd omhoog gaan. De Samberstraat is een stukje stad dat niet is opgepoetst voor de toerist, niet is gestileerd voor Instagram. Het is er voor wie er is.
En misschien is dat wel de essentie van een echte stadswijk: dat ze niet uitlegt wie ze is, maar dat je haar moet leren kennen door er te zijn. De Samberstraat vraagt geen aandacht, ze eist geen bewondering. Ze is er, en als je er doorheen loopt, word je er deel van, al is het maar voor een paar minuten. Je voelt de geschiedenis niet als een museumstuk, maar als iets levends, iets dat onder je voeten ligt en door je aderen stroomt.
De volgende keer dat u in Brussel bent, loopt u niet alleen naar de Grote Markt of de Atomium. Neem een zijstraat, zoek de Samberstraat op. Kijk niet alleen naar de gevels, maar naar de namen op de borden. Lees de stad zoals ze bedoeld is: als een boek waarin elk hoofdstuk een andere taal spreekt, maar uiteindelijk hetzelfde verhaal vertelt. Over mensen die ergens wonen, ergens weren, ergens blijven.
De Samberstraat en de Taal van de Stad
Source: HotArticle
Original link: https://www.hotarticle24.com/5qwo8r17