Wie op een doordeweekse avond door de Nederlandse zenders zapt, kan er bijna niet omheen: De Slimste Mens. Al jarenlang is de quiz van de KRO-NCRV een van de best bekeken programma’s. Kandidaten variëren van hoogleraren tot cabaretiers, van schrijvers tot BN’ers die in de eerste aflevering al met rode oortjes naar huis worden gestuurd. Maar waarom raakt dit spel ons eigenlijk? En wat zegt het winnen van de titel écht over iemands intelligentie?
Op het eerste gezicht is De Slimste Mens een klassieke kennisquiz. Deelnemers krijgen vragen over geschiedenis, wetenschap, kunst, taal en actualiteit. Wie het meeste weet, wint. Wie te vaak op ‘Ik weet het niet’ drukt, verdwijnt. Maar wie het programma vaker ziet, merkt al snel dat pure feitenkennis lang niet altijd genoeg is.
Neem de eindstrijd: twee kandidaten, een bord met elf letters, een vraag met vijf antwoorden en een vijftien tellen durende ‘open ronde’. De spanning zit ‘m niet in wat je weet, maar in hoe snel je het kunt oproepen, hoe goed je kunt schakelen en – misschien wel het belangrijkst – hoe je omgaat met de druk van de secondeklok.
Sommige kandidaten blinken uit in de eerste ronde, maar verliezen hun hoofd in de finale. Anderen, zoals oud-winnaar Maarten van Rossem, laten keer op keer zien dat een combinatie van brede algemene kennis, een vlotte babbel en een flinke dosis relativeringsvermogen goud waard is. Van Rossem is niet voor niets een icoon van het programma. Hij is misschien niet de man die razendsnel een ingewikkelde wiskundesom oplost, maar hij weet verbanden te leggen, grapjes te maken en zijn tegenstander uit het lood te slaan. Dat is ook een vorm van intelligentie – alleen geen die je makkelijk in een IQ-test meet.
Dat brengt ons bij een interessante vraag: wat maakt iemand écht de slimste mens? Het programma gebruikt een mix van kennis, snelheid, associatievermogen en soms geluk. Maar er zijn ook factoren die op televisie niet zichtbaar zijn: hoe iemand leert, hoe hij omgaat met fouten, of hij kan samenwerken. In de praktijk blijkt dat kandidaten die goed kunnen luisteren en snel kunnen schakelen tussen onderwerpen vaak het verst komen. Het is dus niet alleen een kwestie van opleiding of beroep.
Toch is er ook kritiek. Sommigen vinden dat het spel te veel leunt op snelheid en dat echte diepgang ontbreekt. Een kandidaat die toevallig net het nieuws van die dag heeft gevolgd, heeft een voorsprong op iemand die wekenlang voor een tentamen heeft geblokt. Maar dat is precies wat De Slimste Mens zo aantrekkelijk maakt: het voelt levensecht. Het is geen laboratoriumsituatie, maar een spel waarin algemene ontwikkeling, lef en een beetje geluk samenkomen.
Het succes van het programma zegt ook iets over onszelf. We kijken graag naar mensen die het beter weten dan wij, maar ook naar mensen die falen onder druk – omdat we ons daarin herkennen. De momenten waarop een kandidaat een simpele vraag mist en zichzelf vervloekt, zorgen vaak voor de hoogste kijkcijfers. Het relativeert het idee van ‘de slimste mens’. Niemand is altijd slim.
Uiteindelijk is De Slimste Mens niet alleen een quiz. Het is een spiegel van hoe wij intelligentie waarderen: snel, breed, toepasbaar en een beetje showmanschap. En daarmee is het misschien wel een van de eerlijkste intelligentietests die op televisie te vinden is. Want wie in het dagelijks leven ook maar een beetje wil meekomen, weet dat kennis alleen niet genoeg is – het gaat erom wat je ermee doet wanneer de klok tikt.
Waarom 'De Slimste Mens' ons meer leert over intelligentie dan we denken
Source: HotArticle
Original link: https://www.hotarticle24.com/2miol1f9